Symposium banner

Ontwikkelingen in andere media, april 2019

Zoals al eerder geschreven zijn er soms ontwikkelingen in onderzoek bij andere ziekte beelden die mogelijk interessant zouden kunnen zijn voor FTD. Deze maand was bijvoorbeeld CTE weer in het nieuws met een, naar onze meningen een relevante ontwikkeling. CTE (Chronische traumatische encefalopathie) is een aandoening in de hersenen na meervoudig hersenletsel vaak in verband gebracht met contactsporten zoals American football en boksen. Bij  CTE is er sprake van tau-ophogingen in de hersenen net als bij vormen van FTD. Verschillende websites, waaronder futurity.org, berichten over een nieuwe manier van een PET-scan waarop het mogelijk is om de tau-ophogingen zichtbaar te maken terwijl de patient nog leeft. Het onderzoek dat uitgevoerd is door Robert Stern van de Boston Universiteit is gepubliceerd in het New England Journal of Medicine. Het is nog te vroeg om deze techniek voor diagnose te gebruiken, maar door het ontdekken van de tau-tracer is er een belangrijke stap gemaakt, aldus Stern. 

Het tau-eiwit kan door middel van dit nieuwe type PET scan ook zichtbaar worden gemaakt bij de ziekte van Alzheimer, waarbij ook het tau-eiwit betrokken is. Bij een deel van de patiënten met FTD zijn er ook tau-ophopingen in het brein. Of deze nieuw PET techniek inzetbaar is bij FTD, wordt momenteel onderzocht in een samenwerkingsverband tussen het Erasmus MC en AUMC bij patiënten en gendragers van het Tau-gen.

Een volgend interessant bericht is over medicijn ontwikkeling door Alector Inc. Streetinsider,com doet melding van de volgende fase in een medicijn trial voor patiënten met FTD waarbij het eiwit progranuline een belangrijke rol speelt. In de eerste fase is zijn geen heftige bijwerkingen gevonden en, misschien wel belangrijker, is aangetoond dat het medicijn instaat is het niveau van progranuline te verhogen. In de volgende fase, fase 1b, wordt bekeken of het veilig is als je meerdere doses van het medicijn krijgt. Na fase 1a en 1b, volgt fase 2 waarin zal worden bekeken of het medicijn effectief is bij patiënten.

Onderzoekers in Michigan hebben weer een beetje meer kennis over de rol van TDP-43. Dit eiwit speelt een belangrijke rol bij ALS en bij sommige vormen van FTD. In dit onderzoek is ontdekt dat door te veel TDP-43 de aanmaak van andere eiwitten bemoeilijkt. Daarop volgend heeft men geprobeerd een deel van de TDP-43 uit te schakelen om zo overschot te voorkomen. Dit is gelukt in het labaratorium en biedt daarmee weer een mogelijke manier om in te grijpen in het ziekte proces. De vraag is nog wel, aldus de onderzoeker Sami Barmada, M.D., Ph.D., wat dan het goede niveau van TDP-43 is.

Correlatie tussen geweld en bepaalde eiwitten

Onderzoekers van de Lund universiteit in Zweden hebben samen met Amerikaanse collega's overleden patiënten onderzocht met de Ziekte van Alzheimer of FTD. Ze hebben een correlatie ontdekt tussen een eiwit, TDP-43, en de neiging van patient tot crimineel gedrag.

Uniek aan dit onderzoek is dat voor alle patiënten 100% vast staat dat ze dementie diagnose hadden. FTD patiënten met het eiwit TDP-43 hadden 9x meer kans op crimineel gedrag dan FTD patiënten met het eiwit TAU. Iemand die daarom plotseling neigt naar crimineel gedrag zou dus ook een indicatie van het begin van een vorm van dementie kunnen zijn. Lees het hele artikel in het Engels op de site van Eurekaleurt

Ontwikkelingen op medisch gebied

Met enige regelmaat zijn er veel belovende berichten over ontwikkelingen van medicijnen of ander wetenschappelijk onderzoek. Wij verzamelen de relevante berichten en geven iedere maand een kort overzicht

  • Er is toestemming (in Amerika) voor testen van een antistof om het progranuline niveau te verhogen. (Zie artikel in het engels)
  • Er medicijn dat ontwikkeld wordt voor de behandeling van kanker is mogelijk ook bruikbaar voor vormen van FTD en voor ALS (Science News en AlsNewsToday)

Ontwikkelingen in het laboratorium

Er gebeurt momenteel veel op het gebied van het tau-eiwit. Het tau-eiwit speelt een belangrijke rol in de hersenen bij de overdracht van signalen. Bij een grote groep van mensen met FTD is het samenklonteren van tau-eiwitten de oorzaak van het afsterven van de hersenen. Tau speelt ook een belangrijke rol bij Alzheimer en bij CTE. CTE is een degeneratieve hersenaandoening waarvan men vermoedt dat het wordt veroorzaakt door meervoudige hersenschuddingen. Onderzoek naar deze aandoeningen is daarom ook relevant in veel gevallen.

Drie voorbeelden die interessant zijn:

  1. Het medicijn LMTX® (TauRx) is voor de tweede keer door fase 3 van toelatingsproces gegaan en succesvol afgerond. Van dit medicijn wordt verwacht dat het de samenklonteringen van onder andere tau-eiwit kan afbreken. Het lijkt er op dat dit medicijn bij beginnende Alzheimer in een lage dosis een positief effect heeft. Andere studies wijzen uit dat de combinatie met andere medicijnen nog wel uitgezocht moet worden.

  2. Er wordt onderzocht of men met een tracer* genaamd FDDNP de samenklontering van tau-eiwit kan aantonen. Dit wordt ook onderzocht voor FTD patiënten. In Amerika is nu voor het eerst klontering aangetoond bij een levend iemand met CTE. Dit zou de diagnose van CTE, en daarna dus voor bepaalde vormen van FTD makkelijker gaan maken.

  3. In Zweden hebben wetenschappers ontdekt dat een bestaande tracer* aangepast kan worden zodat hij aan tau-eiwit bind. "Dit biedt mogelijkheden voor een betere diagnose van tau-gerelateerde hersenziektes", aldus de onderzoekers.

 

Artikelen online
http://markets.businessinsider.com/news/stocks/Second-Phase-3-Study-Results-for-LMTX-Published-in-the-Journal-of-Alzheimer-s-Disease-1009621775

https://labiotech.eu/alzheimers-disease-phase-iii-uk/

https://www.sporttechie.com/scientists-claim-confirm-cte-first-living-person/

 

tracer: een stof die gebruikt wordt om andere speciefieke stof zichtbaar te maken en te volgen ("trace" is letterlijk "volgen" in het Engels). De stof, de tracer, heeft dus altijd twee kenmerken. Ten eerste is het (relatief) eenvoudig zichtbaar te maken, ze zijn makkelijk herkenbaar op bijvoorbeeld een scan. Ten tweede kunnen ze zich tijdelijk vasthouden aan de doel stof en alleen aan die stof. Zo kan bijvoorbeeld glucose radioactief gemaakt worden. Hierdoor kunnen artsen met een PET scan zien hoeveel opname van glucose in verschillende hersengebieden plaatsvindt.

 

 

Progranuline niet altijd geschikt als biomarker

Recent waren er hoopvolle berichten over progranuline als biomarker. Zie bijvoorbeeld dit artikel op gezondheidsnet. Het is duidelijk dat proganuline een belangrijke rol speelt in de groei van (hersen)cellen. 

Wetenschappers hebben de hoeveelheid proganuline onderzocht in bloed en hersenvocht bij patienten met Alzheimer, FTD en ALS en hebben gevonden dat de niveaus in het bloed niet gelijklopen met de niveaus in de hersenen. In deze studie, gepubliceerd in "Current ALzheimer Research" suggareerd dat de proganuline in bloed en hersenen door een ander mechanisme gecontroleerd wordt. Volgens deze studie zou de analyse van bloed niet veel zeggen over de degeneratie (afbraak) van hersencellen. 

Navraag bij de expertgroep (Lieke Meeter (Arts-onderzoeker)) leert dat deze conclusie niet voor alle vormen van FTD van toepassing is. 

Lieke: "Biomarkers zijn nuttig voor verschillende doeleinden: (1) het aantonen of uitsluiten van een ziekte, (2) de ernst of het beloop van een ziekte in kaart brengen, en/of (3) het effect van een behandeling laten zien. FTD kan veroorzaakt worden door een erfelijke afwijking in het progranuline-gen. In dat geval treedt er een verlaging van het progranuline-eiwit in zowel bloed als hersenvocht op. Om patiënten met deze specifieke erfelijke afwijking op te sporen kan het progranuline-eiwit in bloed gemeten worden, dus voor het eerstgenoemde doeleinde van biomarkers. Daarnaast worden er in patiënten met deze erfelijke eigenschap op dit moment medicijnen getest met als doel het progranuline-eiwit op te hogen. Om het effect van die medicijnen te bekijken, is progranuline een belangrijke biomarker! Wat progranuline in bloed en hersenvocht niet lijkt te kunnen, is de ernst of het beloop van de ziekte in kaart brengen."

Bron: Alzheimernewstoday.com